Chemische compatibiliteit is centraal geworden voor afdichtbetrouwbaarheid, omdat het afdichtmateriaal voortdurend wordt blootgesteld aan smeermiddelen, additieven, reinigingsmiddelen en procesmedia. Vanuit het technische perspectief van NQKSF wordt het langdurige gedrag van de afdichting minder bepaald door de initiële hardheid of vorm, en meer door de manier waarop het materiaal reageert op de chemicaliën waarmee het in contact komt.
Wanneer een rubberverbinding in contact komt met een vloeistof die deze niet verdraagt, is de verandering zelden onmiddellijk. Het materiaal kan opzwellen, verharden, verzachten of zijn elasticiteit verliezen over tijd. Deze veranderingen beïnvloeden de contactdruk van de lip en het vermogen om een oliefilm te behouden. Zelfs een kleine chemische onverenigbaarheid kan geleidelijk leiden tot lekkage, lawaai of versnelde slijtage.
Moderne apparatuur maakt ook gebruik van complexere vloeistoffen — synthetische oliën, op biobased grondstoffen gebaseerde smeermiddelen, vetten voor hoge temperaturen en speciale chemicaliën. Elke formulering reageert anders met NBR, FKM, HNBR, PTFE of ACM. Daarom NQKSF benadrukt dat het kiezen van een afdichting niet alleen gaat om afmetingen of structuur, maar om het selecteren van een samenstelling die stabiel blijft in de werkelijke bedrijfsomgeving.
Kort gezegd: chemische compatibiliteit is belangrijk, omdat afdichtingsmaterialen niet inert zijn. Ze reageren op hun omgeving, en die reactie bepaalt rechtstreeks de betrouwbaarheid van de afdichting. Het kiezen van de juiste samenstelling voor de specifieke omgeving is nu één van de belangrijkste technische beslissingen bij een afdichtingssysteem.
